Deze dag zou dit jaar alweer voor de 130ste keer gevierd worden. Dat ziet er nu anders uit. Maar waarom is er een 'Dag van de Arbeid' op 1 mei? Geldt dat voor alle landen?  Waar gaat het eigenlijk over?
Vanaf 1890 werd er geijverd voor een 8-urige werkdag. Pas op 11 juli 1919, na een kleine 30 jaar en alweer ruim honderd jaar geleden, is in Nederland de wet op de 8-urige werkdag aangenomen. Er gingen tientallen jaren van strijd aan vooraf. Werkdagen van 12-16 uur waren geen uitzondering. Vaak waren de omstandigheden abominabel en heerste er veel armoede onder het 'gewone volk': boeren, arbeiders en kleine handwerkslieden.


De aanleiding voor de 1 mei-viering
In de loop van de achttiende eeuw ontstond er door de industrialisatie een totaal nieuw beroepsleven. In steeds groter wordende fabrieken neigden bazen ernaar de arbeiders steeds langer aan de machines te laten werken, met alle ellendige gevolgen van dien. Fabrieken werden groter, arbeidsomstandigheden verslechterden en werkdagen van 12-16 uren  waren meer regel dan uitzondering. En dat 6 dagen per week. Maar niet iedereen nam daar genoegen mee.
In 1833 werd Robert Owen, een sociale ondernemer uit Wales, voorzitter van de vakbond die onder meer voor een 8-urige werkdag streed. Owen had al sinds 1817 een specifiek doel voor ogen: 'driemaal 8'. Acht uren arbeid, acht uren recreatie, acht uren rust.  Volgens Owen zou een betere organisatie van arbeid iedereen uiteindelijk meer rijkdom opleveren.
De Amerikaanse vakbond AFL (American Federation of Labor) had in 1884 in Boston een resolutie aangenomen waarin werd voorgesteld om vanaf 1 mei 1886 de 8-urige werkdag ingevoerd te krijgen. De eerste mei werd niet willekeurig gekozen. Op deze, voor arbeiders zeer belangrijke dag, wel bekend als moving day, werden in Noord-Amerika traditiegetrouw veel woon- en arbeidscontracten opnieuw afgesloten. Er werd naar aanleiding daarvan veel verhuisd wat weer spanning en onrust veroorzaakte.


Haymarket-affaire
Toen het niet lukte om in 1886 de eisen ingewilligd te krijgen brak er in Chicago, hét bolwerk van de zware industrie, op die eerste mei een grote staking uit die uiteindelijk 4 dagen duurde. De eisen waren: kortere werktijden, beter loon en betere werkomstandigheden. Zo ook de afschaffing van de zwarte lijsten waarop arbeiders geplaats konden worden bij ontslag of wanneer ze lid waren van een vakbond. De opstand liep uit de hand toen de demonstranten op het centrale stadsplein Haymarket een bom naar de politie gooiden, die vervolgens op het aanwezige publiek begon te schieten. Er vielen tientallen slachtoffers. In de Verenigde Staten werd daarom later besloten dat de eerste maandag van september de Amerikaanse Dag van de Arbeid (Labor Day) zou worden, om zo te voorkomen dat 1 mei een herdenking van de Haymarket opstand zou worden.
In Europa werd op 21 juli 1889 tijdens het oprichtingscongres van de Tweede Internationale in Parijs juist als eerbetoon aan de slachtoffers van de Haymarket-affaire besloten tot de jaarlijkse 1 mei-viering. Afgesproken werd om internationaal op 1 mei te gaan demonstreren met als motto 3 X 8 en Internationale Solidariteit. Op 1 mei 1890 vonden in veel landen de eerste vieringen en stakingen plaats. Zowel in de Verenigde Staten als in veel landen in Europa gingen op deze dag voor het eerst duizenden arbeiders de straat op. Al snel werd dit een traditie. Ook in Culemborg vond in 1890 de eerste 1 mei-viering plaats.


De Dag van de Arbeid werd ook in de kleine steden gevierd. Deze hielden vaak bijeenkomsten in eigen geledingen. Een artikel, naast een stukje over de Culemborger moordzaak, uit de Culemborgsche Courant van 5 mei 1928 verhaalt over een fietstocht naar Doorn en 's avonds een spreker. Want overdag naar buiten was goed voor de arbeider.

Invoering Wet
Nog in 1911 werd er in Nederland gedemonstreerd ter gelegenheid van de invoering van de 8-urige werkdag. Ook deze eis richtte zich in eerst instantie op de zware industrie, havenarbeiders en de bouw. De wet werd uiteindelijk op 11 juli 1919 aangenomen. De sigarenbranche, waarvan Culemborg in Gelderland het centrum was, krijgt in maart van dat jaar als eerste bedrijfstak in Nederland een bindende CAO, waarin opgenomen een 45-urige werkweek.
Was het motto oorspronkelijk de 8-urige werkdag en Internationale solidariteit, na de Eerste Wereldoorlog werd 'Vrede' de belangrijkste leus. In de jaren twintig legden vooral de sociaaldemocraten van de SDAP  en het NVV (Nederlands Verbond van Vakverenigingen, later opgegaan in de FNV) de nadruk op 'wereldvrede door ontwapening'.

Elke partij zijn eigen Mei
Nederland kent inmiddels een lange traditie van 1 mei-vieringen en niet alleen in de grote steden. Wel  was altijd veel discussie bij de verschillende partijen. Was het een strijd- of een feestdag? Alle linkse stromingen hielden hun meetings met een spreker uit eigen kring, doorgaans politici, vakbondsleiders en rode dominees. De versplintering van de 1 mei-bijeenkomsten liet weinig over van het oorspronkelijke ideaal van Internationale Solidariteit. Een grote, laat staan rode, vuist maken was op deze manier niet mogelijk.


1 mei-viering SDAP 1920. Bekijk online bij filmmuseum Eye in Amsterdam deze reportage uit het bioscoopjournaal.

Zwarte bladzijde
Minder bekend is dat op 10 april 1933 de regering van Hitler 1 mei per wet tot betaalde 'Feestdag van de nationale arbeid' werd verklaard. Door middel van deze door propagandaminister Goebbels voorgestelde maatregel wist Hitler een groot aantal vakbondsleiders naar Berlijn te lokken om ze vervolgens gevangen te kunnen nemen en naar concentratiekampen af te laten voeren. Desondanks werd de viering na de tweede wereldoorlog weer opgepakt.

Iedereen vrij behalve wij
In Nederland  verdween het enthousiasme om 1 mei te vieren rond de jaren 1960. Pas in de latere jaren 1970 kwam de 1 mei-viering weer een beetje terug. Dat hing samen met een toenemend internationaal bewustzijn. Solidariteit met onderdrukte arbeiders in arme landen werd steeds belangrijker gevonden. Die internationale solidariteit was uiteindelijk niet krachtig genoeg om de 1 mei-viering weer blijvend op de kaart te zetten. Helemáál verdwenen is de viering nooit.
In veel landen in de wereld is 1 mei een hele belangrijke dag en ook een officiële feestdag.
In Nederland is dat, als een van de weinige landen, niet zo. Het is wel een vrije dag voor een kleine groep werknemers,  onder andere wanneer je werkt bij een bank  of wanneer je beurshandelaar bent. En sinds 2018 geldt dat ook voor de schoonmakers. Koninginnedag zat er natuurlijk in Nederland tussen 1948 en 2013 net voor en twee vrije dagen net na elkaar is wat te veel van het goede. Maar de belangrijkste reden is intern. 'We hebben al veel bereikt', was de gedachte.
Vreemd genoeg is 1 mei wél een officiële feestdag op de BES-eilanden Bonaire, Saba en Sint Eustatius.


Internationaal wordt er veel aandacht besteed aan de  Dag van de Arbeid, maar niet altijd op 1 mei. Lees er hier meer over (artikel toegankelijk na registratie bij het Financieele Dagblad).


1 mei 2020
Voor het eerst sinds 130 jaar zal het stil zijn op 1 mei a.s. We zijn benieuwd naar de creatieve oplossingen online.  Maar ook hoe het zal gaan met de Internationale Solidariteit en niet te vergeten de Vrede. In de Voettips van 1 mei kun je je steentje bijdragen aan de viering door luidkeels De Internationale aan te heffen.

Een paar voorbeelden van 1 mei-vieringen

Een bezoek aan het prachtige Arbejdermuseet, gesitueerd in het gebouw van de Deense Arbeidersbeweging in Kopenhagen, leerde ons hoe mensen trots zijn op dat wat er ooit is neergezet en bereikt. Ze hadden er net de prijs ontvangen voor het beste educatieve museum.



Of Santiago de Cuba, natuurlijk een socialistisch bolwerk. We waren daar jaren geleden bezoekers van een grootse 1 mei-bijeenkomst. Daar werd de eindeloze toespraak van Raoul Castro, in die tijd nog de broer van, bij 32 graden en na het zich tonen van alle soorten van beroepen, afgesloten met een  optocht. 150.000 mensen op de been. In file de Conga dansend.
Een groot feest!

Bronnen voor dit artikel
RAR Tiel
Andere Tijden
EYE
FNV
isgeschiedenis
Wikipedia